NL / PL / EN / ES / RO
Zoeken Menu

Corona en huisvesting

Wanneer arbeidsmigranten gezamenlijk gehuisvest zijn kan dat voor problemen zorgen. Uitzendorganisaties streven er naar dat arbeidsmigranten een slaapkamer delen met maximaal één ander persoon. Waar mogelijk en gewenst heeft elke arbeidsmigrant een eigen slaapkamer. Dit is echter niet altijd mogelijk.

Wat moet ik doen als ik met een zieke huisgenoot in één kamer slaap?

Voorop staat dat er zoveel mogelijk voor goede hygiënemaatregelen moet worden gezorgd en dat de huisgenoten gepaste afstand tot de zieke huisgenoot kunnen bewaren. In geval van gezamenlijke huisvesting zoals bijvoorbeeld bij studenten of arbeidsmigranten waarbij meerdere personen besmet lijken te zijn, is het aan de GGD (of burgemeester en wethouders) om nadere maatregelen te treffen, zoals thuisquarantaine.

Mijn contract is beëindigd en ik ben ook uit mijn huis gezet. Waar kan ik nu terecht?

Mensen die geen huis hebben, kunnen in aanmerking komen voor noodopvang door een centrumgemeente. Dit zijn vaak wat grotere gemeentes die de taak hebben om deze opvang te verzorgen.
Hier vindt u een overzicht van alle centrumgemeentes.
Neem contact op met de dichtstbijzijnde centrumgemeente en vraag waar bij u in de buurt een opvanglocatie is. Het is belangrijk dat u, als er sprake is van een (vermoeden van) besmetting met het coronavirus, dit meldt bij de toegang van de opvanglocatie. Het is aan de opvang – al dan niet in overleg met de centrumgemeente – om een passende plek te vinden.

Welke regels gelden er voor mij en mijn collega´s in onze gezamenlijke door het uitzendbureau geregelde huisvesting?

Wanneer twee tot negen arbeidsmigranten gedurende ten minste veertien dagen in een vaste samenstelling in een woonsituatie verblijven, dan is er sprake van een gemeenschappelijk huishouden . Hiervoor gelden de RIVM-regels voor huishoudens.

Hoe voorkomen we besmetting in onze gezamenlijke woning?

Samen met de verhuurder moeten de bewoners zorgen voor een optimale hygiëne. In veel gevallen is de verhuurder hierbij verantwoordelijk voor de schoonmaak en de bewoners dragen daar zo goed mogelijk aan bij door de RIVM-richtlijnen in acht te nemen. In gezamenlijke woonruimtes worden de deurklinken, trapleuning en andere grepen regelmatig schoongemaakt. Hierbij wordt met name aandacht gegeven aan de gedeelde ruimtes zoals douche/toilet, keuken en woonkamer. De verhuurder verstrekt handzeep en papieren handdoekjes.

Corona